Schrijver ben je door weer en wind

Afgelopen weekend was een tof voetbalweekend! Vaak bezoek ik voor de regionale krant één wedstrijd, maar dit keer ging ik naar twee potjes. Absoluut geen straf en heel leuk om te doen! Het enige minpuntje was het noodweer. Vooral zaterdag zat het weer ontzettend tegen. Dakgoten liepen vol en de parkeerplaats in Oldebroek leek wel een openluchtzwembad. Schuilen kan, maar vaak heb je dan geen ideaal zicht op het veld. En hoe tik je een stukje op je telefoon als de regendruppels ondertussen op je telefoonscherm kletteren? Je leest het in dit blogbericht.

Afgelopen zaterdag stond ik langs de lijn bij een voetbalwedstrijd in Oldebroek. Ik maakte een verhaal voor de regionale krant. Op mijn telefoon ben ik druk aan het tikken om gelijk na de wedstrijd een bericht naar de redactie te kunnen sturen. De eerste regendruppels belanden op mijn jas, maar het is goed te overzien. Met een dikke trui en winterjas ben ik bovendien goed voorbereid. Koud hoef ik het dus niet te krijgen. Twitter houd ik scherp in de gaten. Wanneer er een doelpunt valt, verstuur ik een tweet. Driftig tik ik verder tot aan rust.

Na een pauze van een kwartier start het tweede bedrijf. Plotseling slaat het noodlot toe. Het regent pijpenstelen. Niet ideaal, want ik ben ondertussen druk bezig met het tikken van een artikel op mijn telefoon. Fanatiek veeg ik met mijn mouw de druppels van het scherm, maar het heeft weinig zin. Ik steek mijn telefoon in de zak en wacht af. Na een aantal minuten is het droog en begin ik weer te typen. Het blijft even droog. Dit is van korte duur. Uiteindelijk ben ik het zat. Met nog twintig minuten te gaan ben ik drijfnat en ga ik op de tribune zitten. Minder dichtbij het veld, maar anders waai ik weg en is het onmogelijk om een artikel te typen. Mijn telefoon is drijfnat, maar al vegend en schrijvend lukt het mij het artikel af te maken. Wanneer ik het thuis had geschreven, was ik een uur verder geweest. Dan is het nieuws alweer een uur oud en dat wil ik voorkomen. Daarom maak ik gelijk een bericht.

Het laatste fluitsignaal klinkt. Snel druk ik op verzenden. Zo, mijn bericht is nu bij de redactie. De einduitslag tweet ik. Gauw haast ik mij naar het veld. Ik spreek de trainer en een speler aan voor een interview. Die vragen of het ook binnen kan. Vlug rennen wij richting de kleedkamer en het interview kan beginnen. Eenmaal klaar haast ik mij naar de auto. De parkeerplaats ligt vol met water. Ik sprint de auto in en door het noodweer rijd ik naar huis.  Zo, dat heb ik weer overleefd…